Om het welzijn van onze opdrachtgevers te beschermen bieden wij tijdelijk voor enkele woningen geen bezichtigingen aan. Als alternatief bieden wij de mogelijkheid om de woning via een video verbinding te bezichtigen.
Sluit
journal - 11 februari 2020

Zodra de zon opkomt verschijnt op de muur een tekening van licht, in eindeloze kleuren en schakeringen. Geel, rood, groen. Wilde vormen, rechte vlakken. De rijzende zon duwt zijn eigen projectie langzaam langs de muur omlaag. Eenmaal op de vloer rekt de tekening zich uit en begint een volgende, kleurrijke akte. Hier voltrekt zich een fraaie dans – het zonlicht schijnt dwars door een glas-in-loodraam.

Geel, rood, groen. Wilde vormen, rechte vlakken. De rijzende zon duwt zijn eigen projectie langzaam langs de muur omlaag.

De levendige combinatie van gekleurd glas (uitgevonden door de oude Egyptenaren) geplaatst in roeden (voor het eerst toegepast door de Romeinen) heeft kunstenaars eeuwenlang gefascineerd. Glas in lood zag zo’n 2000 jaar geleden het licht in Romeinse huizen en paleizen en is sindsdien niet meer weg te denken uit de Europese architectuur.

Maar het ambacht heeft een hobbelig pad bewandeld. Glas in lood is zowel geliefd als gehaat geweest. Het is omarmd als machtige, verhalende kunstvorm en verguisd als symbool van decadentie. Omarmd door de Rooms-Katholieke Kerk vanwege het magische effect: kerkbezoekers werden door gigantische ramen met bewegende, Bijbelse taferelen compleet overdonderd. Wie dat aanschouwde, viel uit pure devotie prompt op de knieën.

Als symbool van decadentie werd glas in lood tijdens de beeldenstorm gehaat en vernield. In de overwegend protestantse Nederlanden was het tot in de 19e eeuw niet bepaald populair, net als in de minimalistische architectuur van de naoorlogse wederopbouw. Zelfs nog tijdens de vernieuwbouwwoede van de jaren ’80 en ’90 werd glas in lood verwijderd of weggemoffeld – een postmodern beeldenstormpje tegen oubolligheid. Maar altijd weer opnieuw vond het de weg terug. Ook nu.

Ieder glas-in-loodraam getuigt van een specifieke etappe in de korte maar hevige evolutie tussen Jugendstil en art deco. Tussen zorgeloos, romantisch Europa en de mechanische realiteit van het interbellum.

Glas in lood mag weer in oude glorie getoond worden. Eind 19e eeuw, tijdens de Jugendstil-periode, lieten kunstenaars zich inspireren door organische vormen uit de natuur. Met de opkomst van de zware (oorlogs)industrie in het begin van de 20e eeuw werden geometrische vormen dominant. Dit is terug te zien in het huidige woningaanbod uit die periode. Ieder glas-in-loodraam getuigt van een specifieke etappe in de korte maar hevige evolutie tussen Jugendstil en art deco. Tussen zorgeloos, romantisch Europa en de mechanische realiteit van het interbellum.

Zittend in je woonkamer, starend naar het tafereel op de muur, waan je je onderdeel van die geschiedenis. Je huis ademt de sfeer van de roaring twenties, van rijke, rokerige salons waar mensen nippend aan aperitieven en trekkend aan lange sigaretten wiegen op rauwe jazztonen, of de charleston dansen misschien. Wie glas in lood bezit, kan zich dagelijks warmen aan de verleden tijd. Eén zonnestraal is genoeg om je eigen woning tot leven te wekken, in een fraaie dans van kleur en licht. Het magische effect van glas in lood maakt dat het, hoewel kwetsbaar van aard, door de eeuwen heen onverwoestbaar is gebleken. Glas in lood lééft.

Lees meer journals

Gerelateerd aanbod

Bekijk ons volledige aanbod
010 422 3000 Terug naar boven